Ga naar hoofdinhoud
DAM-DMA SENIOR

DAM-DMA SENIOR

DAM-DMA SENIOR voor VVT, woonzorg & ouderenzorginstellingen

Menselijkheid, regie en context vóór systeemdenken.

Wonen is leven — niet alleen zorg ontvangen

In VVT, verpleeghuis, woonzorg en langdurige ondersteuning is de grootste ontwerpuitdaging dat een instelling niet onbedoeld het hele leven van iemand tot “zorgproces” maakt. DAM-DMA SENIOR wil juist levensverhaal, routines, voorkeuren, relaties, cultuur, geloof, humor, seksualiteit, verlies en persoonlijke doelen naast professionele zorginformatie bewaren.

Persoonsgerichte dagelijkse context

De tweede editie van WHO ICOPE benadrukt persoonsgerichte beoordeling, sociale ondersteuning, mantelzorg en een persoonlijk zorgplan. DAM-DMA SENIOR vertaalt die denkrichting naar dagelijkse context: mobiliteit, cognitie, vitaliteit, horen, zien, psychisch functioneren, voeding, continentie, huid, pijn, slaap, mondzorg, sociale verbinding en wat iemand zelf een goede dag vindt.

Continuïteit tussen diensten en disciplines

Verpleegkundigen, verzorgenden, artsen, fysiotherapeuten, ergotherapeuten, psychologen, geestelijk verzorgers en familie kijken vanuit verschillende hoeken. De Care Bridge moet voorkomen dat één observatie stil tot “de waarheid” wordt. Herkomst, datum, discipline en context blijven zichtbaar.

Eenzaamheid en betekenis

Een activiteitenkalender is niet hetzelfde als verbondenheid. DAM-DMA SENIOR wil daarom niet alleen registreren of iemand deelnam, maar helpen begrijpen welke relaties, gesprekken, geloofsgemeenschappen, muziek, dieren, plekken, herinneringen en vormen van bijdragen betekenisvol zijn.

Levenskennis in de instelling

Bewoners zijn dragers van geschiedenis en vakkennis. Een instelling kan met expliciete toestemming ruimte bieden om verhalen, ambachten, recepten, familiegeschiedenis, lokale herinneringen en levenslessen te bewaren en te delen — niet als “bezigheidstherapie”, maar als erkenning van sociale waarde.

Veiligheid zonder totale controle

Valpreventie, medicatieveiligheid, dwaalrisico en misbruik vragen om bescherming, maar mogen niet automatisch leiden tot maximale surveillance. Iedere monitoringfunctie moet proportionaliteit, toestemming of wettelijke grondslag, menselijke beoordeling en minst-ingrijpende alternatieven meenemen.

Institutionele implementatie

Een VVT-deployment vereist koppeling met bestaande werkprocessen, duidelijke professionele rollen, scholing, toegankelijkheidstesten met bewoners, mantelzorgers en medewerkers, incidentbeheer en evaluatie van werkdruk. Het doel is minder informatieverlies en meer menselijk begrip — niet meer schermtijd.

WHO ICOPE — 2nd edition