DAM-DMA SENIOR
Kennis & onderzoek
Menselijkheid, regie en context vóór systeemdenken.
Kennis zonder schijnzekerheid
DAM-DMA SENIOR bouwt één kennisomgeving rond ouder worden, geestelijke gezondheid, lichamelijk functioneren, sociale omstandigheden, zorg, verlies, zingeving, levenseinde en buitengewone bewustzijnservaringen. De kernregel is: confidence ≤ evidence. Een ervaring kan diep betekenisvol zijn zonder dat de onderliggende verklaring al wetenschappelijk vaststaat.
Daarom scheiden we zeven kennisstatussen: gevestigde kennis, richtlijn of professionele standaard, opkomend onderzoek, zelfgerapporteerde ervaring, hypothese, metafysische of levensbeschouwelijke interpretatie en onbekend / onvoldoende bewijs. DAM-DMA SENIOR mag die lagen niet stil in elkaar schuiven.
Verken de kennisbibliotheek
De kenniswereld is opgesplitst in afzonderlijke dossiers, zodat medische kennis, sociale gezondheid, persoonlijke ervaring en metafysische interpretatie niet in één ondoorzichtige categorie verdwijnen.
Methodologie & bronkritiek
Geest, gezondheid & menselijk leven
Bewustzijn & buitengewone ervaringen
- Bijnadoodervaringen (BDE / NDE)
- Postmortale communicatie (ADC / PMC)
- OBE, dromen & slaapgrenzen
- Reïncarnatie, pre-existentie & geboorteherinneringen
- Mystiek, gebed & spirituele transformatie
- UAP/UFO & niet-geclassificeerde ervaringen
- Terminale & paradoxale luciditeit
- Sterfbedvisioenen & end-of-life dreams/visions
Van geriatrie tot levensverhaal
De kennisarchitectuur bestrijkt onder meer cognitie, mobiliteit, vitaliteit, zien en horen, psychisch functioneren, sociale steun, mantelzorg, incontinentie, pijn, slaap, mondgezondheid, voeding, medicatie en polyfarmacie, rouw, eenzaamheid, trauma, verslaving, pensioen, seksualiteit en identiteit, wonen, financiële kwetsbaarheid, misbruik, digitale uitsluiting en levenseinde.
De WHO beschrijft in de tweede editie van ICOPE een persoonsgerichte route voor eerstelijns- en gemeenschapszorg met beoordeling, verdiepend onderzoek, een persoonlijk zorgplan en monitoring. DAM-DMA SENIOR gebruikt zulke kaders als inhoudelijke referentie, maar presenteert zichzelf niet als vervanging van professionele beoordeling.
De dood en ervaringen buiten het alledaagse
De onderzoekswereld bevat onder andere BDE/NDE, distressing NDE, shared NDE, ervaringen rond sterven, terminale of paradoxale luciditeit, ADC/PMC, sterfbedvisioenen, OBE/autoscopie, lucide en bijzondere dromen, slaapgrensfenomenen, mystieke en gebedservaringen, reïncarnatie- en pre-existentieclaims, precognitieve of telepathische ervaringen, UAP/UFO-gerelateerde ervaringen, bilocatie, engelen, orbs en ervaringen die nog niet in een categorie passen.
Voor elk verslag wordt idealiter afzonderlijk gekeken naar: wat is letterlijk gemeld, wanneer en in welke context; mogelijke medische, neurologische, psychologische, slaap-, medicatie- of middelenfactoren; culturele en religieuze betekenis; verificatiemogelijkheden; alternatieve verklaringen; bronnen; onzekerheden; en de interpretatie van de persoon zelf. DAM-DMA SENIOR beslist niet voor de gebruiker dat een ervaring bovennatuurlijk óf pathologisch is.
Bronnen, rechten en herleidbaarheid
Publiek beschikbare verhalen worden niet automatisch beschouwd als vrij herpubliceerbaar. Waar derden auteursrechten of databankrechten hebben, werken we met bronverwijzingen, metadata, eigen samenvattingen en analyses, tenzij passende toestemming of licentie bestaat. Eigen ervaringen kunnen alleen in een toekomstige onderzoeksomgeving worden gebruikt onder expliciete toestemming en governance.
Belangrijke referentiepunten zijn onder meer WHO, IGJ, MedMij/Nictiz, W3C, NIST, Europese gezondheidsregelgeving en peer-reviewed onderzoek. Iedere institutionele implementatie krijgt een eigen actuele bronnen- en regelgevingstoets.